de vlag van Tanzania

Marien van den Eijnden stuurde ons een in het Engels
geschreven verslag over de parochie Kaliua in het
Aartsbisdom Tabora, Tanzania.

KALIUA, EEN STAD IN ONTWIKKELING

Kort na Pasen 2006 zullen de Witte Paters deze parochie overhandigen aan de diocese geestelijken van het aartsbisdom, en dat is -dunkt me- een geschikt moment om even achterom te kijken en het een en ander te memoreren.

De parochie Kaliua werd officieel geopend in 1963, maar lang vóór die datum was er al een behoorlijk grote groep katholieken. Aanvankelijk, d. i. van af ongeveer 1945-1946, vormde die groep een buitenpost van de kathedrale parochie in Tabora, dat op een afstand lag van 120 km.

Volwassen mensen die gedoopt wilden worden, moesten daarheen om catechismusonderricht te volgen - en ze gingen te voet naar de stad, ook al waren ze bang voor leeuwen die ze onderweg tegen konden komen. In de loop van de jaren vijftig werd Kaliua een buitenpost van de parochie Urambo, die geopend werd in 1952 en tussen Kaliua en Tabora ligt. De streek tussen Kaliua en Urambo was toen bebost gebied en dun bevolkt.

Toen ik in 1966 als pastor begon in Urambo, kwam ik op mijn weg nar Kaliua nog olifanten tegen! Tegenwoordig is de situatie wel anders want het hele gebied van de parochie telt nu honderdduizend inwoners, verdeeld als volgt: 50.000+ belijders van traditionele godsdiensten, 22.000 moslims, 10.000 katholieken en 10.000 protestanten behorend tot verschillende richtingen. Bijna iedere grote familie heeft wel familieleden van verschillende godsdiensten, maar over het algemeen zijn de onderlinge verhoudingen goed, soms zelfs echt hartelijk, afgezien van kleine strubbelingen die zich wel eens kunnen voordoen. De stad Kaliua telt tienduizend inwoners en heeft zeven kerken/kerkjes en ook zeven moskeeën.

                                                            PASTORALE PLANNEN

Onze huidige pastoor, Emmanuel Quertemont, een Belg, arriveerde in augustus 1996, kort nadat ik was aangekomen. De eerste kapelaan, Jean-Marc Lindsay, een Canadees, was daar toen al. Voor het jaar 1997 zetten wij een dubbel pastoraal plan op:

  1. Ons eerste doel was om actieve naastenliefde aan te wakkeren, en we deden dat door mensen, katholiek en niet-katholiek, die hulp nodig hadden, door te verwijzen naar de katholieke basisgemeenschap waar ze woonden om daar geholpen te worden.

Extra hulp kon, zo nodig, verkregen worden van de kerkelijke dorpsgemeenschap waar de basisgemeenschappen een onderdeel van vormden. In die dorpsgemeenschap werd iedere zondag tijdens de kerkdienst een tweede collecte gehouden, en het moet gezegd worden dat onze katholieken echt bereid waren om voor die collecte te geven.

Wanneer er bijzonder grote hulp nodig was, dan sprong het parochiefonds bij dat gespekt werd door giften van buiten.

  1. Ons tweede doel in het jaar 1997 was om het geloof actief te maken. Hier was onze aandacht gericht op de jongelui, vijftien jaar oud ongeveer, die zich voorbereidden om het sacrament van het vormsel te ontvangen. Iedere zaterdag was er voor hen iets te doen: met anderen van gedachten wisselen over een stukje evangelie, mensen iets leren, het dak repareren van het huis van een paar oude of zieke mensen, brandhout gaan sprokkelen in het bos, hun maïsveld bewerken, enz. enz.


  2. In datzelfde jaar werd ook veel aandacht besteed aan de vorming van de catechisten omdat zij in al onze buitenposten de kerkelijke leiders zijn die de plaatselijke groepen moeten aanmoedigen.

GEZONDHEIDSZORG

Aan het begin van de jaren zestig - dus toen Kaliua nog slechts een buitenpost was van de parochie Urambo - kwamen op verzoek van de aartsbisschop van Tabora - de Dames van de Graal naar Kaliua om er een gezondheidscentrum op te zetten met dertig bedden voor patiënten. Ongeveer tien jaar later werd het management er van overgenomen door de Regering en de Dames van de Graal vertrokken.

Maar in 1997 werd op verzoek en op aandringen van de plaatselijke bevolking het centrum teruggegeven aan het aartsbisdom. Er moest heel wat gedaan worden om het op te knappen. Een kleine groep zusters van de Tanzaniaanse Congregatie van Dochters van Maria kwamen naar Kaliua, vonden een tijdelijk onderdak en staken de handen uit de mouwen: vijf gingen aan het werk in het gezondheidscentrum en één zuster begon een kleuterschool.

Sinds maart 2003 heeft het centrum, dat nu een ziekenhuisje is, veertig bedden, werkt er een dokter en er is een klooster voor de zusters, en in 2005 waren er twee operatiekamers!

In 2003 nam slaapziekte sterk toe; er waren 95 gevallen vergeleken met 27, 38 en 22 in de jaren ervoor. Medicijnen worden kosteloos verstrekt door de Regering en dat is een enorme hulp, maar voor voedsel en verblijf in het ziekenhuis moet betaald worden. Omdat behandeling van lange duur is, zijn die onkosten toch nog zwaar voor de meeste slaapzieken, maar of ze katholieke zijn of niet, ze kunnen altijd vragen om hulp van het parochiële fonds.

Nu loop ik nog voorop, maar aanstonds zal mijn Afrikaanse medebroeder mij vervangen, en zal ik het Nunc Dimittis mogen zingen!

VERDERE ONTWIKKELINGEN

In augustus 2004 werd een pasgewijd diocesane priester, Patrick Msekwa, benoemd voor onze parochie. Hij nam de plaats in van pater Jean-Marc Lindsay die vanwege zijn leeftijd was teruggegaan naar Canada. De parochiekerk moest grondig onder handen genomen worden en alle parochianen werd gevraagd te helpen om de onkosten te dekken: iedere parochiaan werd verondersteld minstens twee schalen bruine bonen te brengen. De reactie was niet slecht. De totale reparatieonkosten bedroegen 5 miljoen Tanzaniaanse shillings, een enorm bedrag voor een landelijke parochie in dat gebied.

We zijn nu een overgangsparochie. Dat betekent:

- we zijn onderweg van een devotioneel-christelijke levensvorm naar een christelijke levensvorm die Jezus probeert te ontdekken in het gewone dagelijkse leven.

- de vrouwen in de parochie worden zich steeds meer bewust van hun mogelijkheden, hun rechten en plichten; en ook meer zelfbewust. Soms staan de mannen echt verbaasd, en moeten zich dan aanpassen aan de nieuwe situatie. Dit heeft gevolgen voor de opvoeding: wat model kan de jongens en meisjes geboden worden?

- het voornaamste marktgewas in ons gebied is tabak, maar men is zich bewust dat ieder moment de markt ineen kan storten. Welk gewas kan de plaats innemen van tabak? Misschien plantaardige olie?

- Veel jongelui voelen er niets voor om de velden te bewerken en zwerven door de stad en de dorpen als venters of bouwen een kleine kiosk. Die vlug aan het geld willen komen stelen, alleen of in groepsverband.

- Meer en meer lagere scholen en apotheken gaan open, ook een middelbare school; in 2004 plaatste de Regering een toren voor mobiele telefoons, elektriciteit werd aangelegd en verbonden met het landelijke net, en er is een grote verkeersweg dwars door het gebied dat onze parochie omvat.

DE OVERDRACHT

- En nu vertrekken de missionarissen en hun plaats wordt ingenomen door de diocesane geestelijkheid.

Een mijlpaal!

Kaliua, een stad en een parochie in ontwikkeling!

Dit artikel werd vertaald en bewerkt door F.v.V


Webmaster-NL

Vorige pagina